Neerslagtekort eindelijk verholpen, maar we moeten alert blijven

Afgelopen november was het moment waarvan we allemaal dachten dat het misschien nooit meer zou komen: het structurele neerslagtekort van de afgelopen jaren was eindelijk verholpen. Zelfs in regio’s met hoge zandgronden, waar droogte vaak lang aanhoudt, was het grondwaterpeil hersteld. Op tal van locaties was de bodem zelfs verzadigd en neemt deze nauwelijks nog extra water op. Dit resulteert in het ontstaan van plassen op lagergelegen gebieden. Toch moeten we alert blijven en voorbereid zijn op droogteperiodes, zegt het KNMI. In dit artikel zullen we de impact van neerslagtekort bespreken en hoe bodemvochtsensoren van ConnectedGreen een effectieve oplossing kunnen zijn.

Auteur: Isabelle Horneman
neerslagtekort

Wat is neerslagtekort?

Neerslagtekort ontstaat wanneer de verdamping groter is dan de neerslag gedurende een bepaalde periode. In Nederland, waar water altijd al een cruciale rol heeft gespeeld, heeft dit fenomeen ernstige gevolgen. Landbouwgronden lijden onder droogte, wat leidt tot lagere opbrengsten en hogere kosten voor boeren. Waterreservoirs raken leeg, waardoor er spanning ontstaat in de watervoorziening voor zowel landbouw als stedelijke gebieden.

Neerslagtekort in Nederland

De opmerkelijk droge zomer van 2018 heeft Nederland met de realiteit geconfronteerd. Vooral in een veranderend klimaat, waarbij de kans op droge zomers toeneemt en winters relatief nat zijn, is het cruciaal om water vast te houden voor droge periodes. Als we dit jaar opnieuw te maken krijgen met een droge en warme zomer, zijn er dan voldoende voorbereidingen getroffen? En kunnen we nu profiteren van de werkelijke aanvulling van het grondwater? Dat is volgens het KNMI niet het geval. In de zomermaanden is de kans er nog steeds dat er een neerslagtekort ontstaat, waardoor de grondwaterstanden weer dalen.

Bodemvochtsensoren als oplossing

Een veelbelovende oplossing voor het monitoren en beheren van bodemvocht is het gebruik van bodemvochtsensoren. Deze technologie stelt gemeentes, hoveniers en groenwerkers in staat om real-time gegevens te verzamelen over de vochtigheidsniveaus in de bodem. Door deze informatie te analyseren, kunnen ze anticiperen op de behoeften van planten, efficiënter watergebruik plannen en de algehele gezondheid van groene gebieden verbeteren. Dit is van essentieel belang in situaties van neerslagtekort. Wanneer de bodem te droog is, bieden bodemvochtsensoren de mogelijkheid voor gemeentes, hoveniers en groenwerkers om direct passende maatregelen te nemen en zo de impact van droogte op groene gebieden te minimaliseren.

Voordelen van ConnectedGreen bodemvochtsensoren

Naast dat deze sensoren helpen bij neerslagtekort en de tijdelijke signalering hiervan, kunnen gemeenten, hoveniers en groenwerkers profiteren van deze technologie op verschillende manieren. 

Weinig tot geen inboet

Bodemvochtsensoren dragen bij aan het minimaliseren van inboet doordat ze vroegtijdig problemen zoals droogtestress of ongunstige groeiomstandigheden detecteren. Deze tijdige waarschuwingen stellen beheerders in staat om gerichte maatregelen te nemen, waardoor het risico van uitval bij nieuwe aanplant wordt geminimaliseerd en de gezondheid van de vegetatie wordt bevorderd.

Op tijd water geven

Bodemvochtsensoren bieden een nauwkeurige meting van de vochtigheid op diverse diepten in de bodem, waardoor overbewatering of onderbewatering wordt voorkomen. Het afstemmen van de watergift op de behoeften van bomen en planten, mogelijk door real-time meetdata, is essentieel om schade te vermijden en resulteert in gezondere planten, bevorderde groei en optimale ontwikkeling. Lees in deze blog hoe de bodemvochtsensoren van ConnectedGreen het Haagse gemeentelijke Groencentrum helpen.

Meer tijdbesparing

Doordat je precies overzicht hebt van wanneer je water moet geven, heb je meer tijd voor andere prioriteiten. Dit wordt gerealiseerd doordat beheerders, met een nauwkeurig overzicht van optimale bewateringstijdstippen, alleen noodzakelijke groenprojecten hoeven te bezoeken. Dit resulteert in een beheerproces waarbij tijd en middelen gericht worden ingezet voor effectief onderhoud en zorg voor groene gebieden.

Alert blijven met ConnectedGreen bodemvochtsensoren

Terwijl we opgelucht ademhalen dat het structurele neerslagtekort eindelijk is verholpen, mogen we niet verslappen in onze waakzaamheid. Het recente herstel van grondwaterpeil en verzadigde bodems biedt zeker verlichting, maar het KNMI waarschuwt ons terecht voor mogelijke droogteperiodes in de toekomst. Om goed voorbereid te zijn op deze droogteperiodes zijn bodemvochtsensoren een effectieve oplossing. Voor meer informatie over de bodemvochtsensoren van ConnectedGreen kan je hier onze whitepaper aanvragen. Hierin lees je alle voordelen van data gedreven werken en het belang hiervan.

Lees alles over de voordelen van datagedreven werken

Whitepaper aanvragen

Het droogteseizoen is van start gegaan en gelukkig lijkt de uitgangspositie gunstig te zijn. Dat is goed nieuws, want in voorgaande jaren heeft de droogte niet alleen grote gevolgen gehad voor onze natuur, landbouw en drinkwater, maar ook voor de economie. Voor dit jaar blijkt het dat er voldoende grondwater en oppervlaktewater is om de droogteperiode goed door te komen. Het grondwaterpeil is op veel plaatsen hoger dan voorgaande jaren.

Auteur: Isabelle Horneman

We moeten wel alert blijven!

We hadden het natuurlijk niet anders verwacht in Nederland, maar het KNMI benadrukt dat we wél alert moeten blijven in deze tijd. In de zomermaanden is de kans er nog steeds dat er een neerslagtekort ontstaat, waardoor de grondwaterstanden weer dalen. Daarnaast kan de verdamping van water door hoge temperaturen en veel zonlicht ervoor zorgen dat de bodem snel uitdroogt. Het is dus belangrijk om niet te snel tevreden te zijn en alert te blijven op de ontwikkelingen in het droogteseizoen. Iets waar we inmiddels gelukkig wel ervaring mee hebben.

Het belang van duurzaam en verantwoord waterbeheer

Naast alert blijven is het ook belangrijk om bewust te blijven van het belang van een duurzaam en verantwoord waterbeheer. Alleen zo kunnen we ervoor zorgen dat we ook in de toekomst voldoende water hebben om te kunnen leven en werken. Dat betekent dat we zuinig om moeten gaan met water en moeten investeren in het herstellen van de natuurlijke waterhuishouding. Maar het betekent ook dat we moeten blijven innoveren en nieuwe technologieën moeten ontwikkelen om ons waterbeheer te optimaliseren.

Bewust omgaan met water, niet alleen in droogte seizoen

Het is belangrijk om bewust om te gaan met water. Dit kan voor inwoners van Nederland bijvoorbeeld door zuinig om te gaan met drinkwater, bijvoorbeeld door korter te douchen en de kraan tijdens het tandenpoetsen dicht te draaien. Maar ook landbouwers, tuinders, overheden en waterschappen kunnen hun steentje bijdragen door hun irrigatiesystemen zo in te stellen dat ze water besparen en de bodem niet overmatig nat maken. Groen heeft zelf namelijk ook een watervraag en in tijden van droogte en watertekort kan groen dus ook het probleem vergroten. Dit is waar ConnectedGreen een steentje kan bijdragen. Met de bodemvochtsensoren en het monitoringsplatform van ConnectedGreen is het mogelijk om te meten wanneer je groen water nodig heeft, waardoor je dus nooit meer te veel water geeft en dus ook geen water meer verspilt.

In Nederland hadden we een probleem zoals droogte allemaal niet zien aankomen, maar door de klimaatverandering moeten we er toch aan geloven. Ons regenachtige kikkerlandje verandert in een land wat rekening moet houden met hitte stress. In delen van Twente en Salland heeft waterschap Vechtstromen zelfs een onttrekkingsverbod van grondwater ingesteld voor een deel van deze gebieden. Maar hoe kan een nat land zoals Nederland nou te maken krijgen met zo’n kwestie en moeten delen deze maatregelen treffen?

Auteur: Isabelle Horneman

Water is zo vanzelfsprekend in Nederland, dat we ons een watertekort moeilijk kunnen voorstellen. Toch is het een probleem waar Nederland de laatste jaren steeds meer mee kampt. Dit heeft te maken met de klimaatverandering waardoor de temperaturen stijgen en er meer water verdampt. Wanneer er meer water verdampt dan dat er neerslag valt, spreken we van droogte. Ook leidt de opwarming van de aarde in Nederland en omstreken tot een lichte toename van de neerslag. De adder onder het gras is dat klimaatverandering daarbij tot veel sterkere variaties leidt. Buien worden zwaarder, waardoor wateroverlast vaker zal voorkomen. Aan de andere kant komen hittegolven vaker voor, duren langer en kunnen nog heter worden. Ook droge periodes kunnen langer duren en meer overlast veroorzaken.

Overlast

Droogte heeft gevolgen voor onder andere landbouw, natuur, scheepvaart, woningen en ons drinkwater. Het Nederlandse waterbeheer is eigenlijk vooral ingericht op het afvoeren van grote hoeveelheden water, zodat bijvoorbeeld de akkers niet overstromen, maar door de droogte moeten we het water nu vooral beter vasthouden. Boeren kunnen hun akkers namelijk niet oneindig besproeien met water uit sloten, rivieren en kanalen, want dan zakt het waterpeil te veel. Dit zorgt weer voor problemen in de scheepvaart, waarbij bijvoorbeeld schepen niet de Maas door kunnen. Dit soort rivieren leveren ook nog eens veel drinkwater; wat dus gevolgen kan hebben voor water uit je kraan. Door de droogte daalt de bodem sneller in Nederland. Bodemdaling is een voor Nederland bekend en problematisch proces waarbij het zakken van het niveau van de bodem ten opzichte van een vast referentiepunt plaatsvindt. Dit komt zowel door de winning van meer water, als door het uitdrogen en samendrukken van de klei- en veengronden in warme periodes. Hierdoor zien we steeds meer dijken verschuiven en woningen en straten verzakken. Ook bomen, planten en dieren hebben flink te lijden onder de droogte. Ze komen minder snel aan water en voedsel. Kortom: water is een belangrijke grondstof in ons land, dus de focus moet gaan liggen op het vasthouden van het water.

Droogte in Nederland

In Nederland valt niet overal evenveel neerslag, al zijn de verschillen ook weer niet al te groot. Het droogst is het aan de oostgrens, in het oosten van Brabant en vooral in het midden van Limburg. Hier valt in een gemiddeld jaar 750 mm neerslag, terwijl in de natste regio’s ongeveer 950 mm neerslag valt. Zo lang er water via rivieren, zoals de Rijn, Nederland binnenstroomt zal het ook nooit echt droog worden in de kustprovincies. In de noordwestelijke helft van het land zit grondwater namelijk veel hoger dan in het oosten en zuiden. Flinke stukken van bijvoorbeeld Zuid- en Noord-Holland zouden onder water komen te staan als we zouden stoppen met wegpompen van water. Langdurige droogte kan in deze gebieden dan wel weer problemen veroorzaken, zoals verzilting (toename van het zoutgehalte) van het grondwater. In het oosten en zuiden van Nederland is dat anders. Zeker op de hogere zandgronden in provincies als Brabant, Limburg, Gelderland en Overijssel zit grondwater vaak meer dan een meter diep en op sommige plekken zelfs meer dan twee meter diep. Na een droog jaar kan het grondwater zomaar een halve meter lager zitten dan gebruikelijk en dit herstelt zich niet met een paar natte dagen.

Maatregelen; onttrekkingsverbod

In Twente en Salland is tijdens de droge zomers van 2018, 2019 en 2020 gebleken dat er bij neerslagtekort onherstelbare schade wordt aangericht in de natuur. Gezien het neerslagtekort daar dreigt op te lopen naar meer dan 250 millimeter geldt er in een deel van het beheergebied ten zuiden van de Overijsselse Vecht nu een onttrekkingsverbod. Deze is van toepassing op het onttrekken van grondwater voor beregening en bevloeiing in kwetsbare, grondwaterafhankelijke natuurgebieden en de gebieden in een zone van 200 meter rondom deze kwetsbare, grondwaterafhankelijke natuurgebieden. Dit verbod is er omdat er geen zicht is op neerslag van enige betekenis in de komende periode. Ook is het belangrijk voor de waterkwaliteit in het gebied. Wanneer de kwaliteit van water door neerslagtekort en warmte achteruitgaat, is er namelijk grote kans op vissterfte door zuurstoftekort, groei van blauwalg en botulisme.

Steeds meer groen

Gelukkig hebben steeds meer mensen door dat er iets moet gebeuren tegen deze stijgende temperaturen en veranderende weersomstandigheden … Maar wat kunnen we nu doen tegen deze klimaatveranderingen? Nou, het antwoord is simpeler dan je verwacht; meer stedelijk groen! Groen in de stad kan een belangrijke rol spelen in klimaatadaptatie. Het werkt namelijk verkoelend, vermindert wateroverlast en houdt vocht beter vast. Groen heeft zelf natuurlijk ook een watervraag. In tijden van droogte en watertekort kan groen dus ook het probleem vergroten. Dit kun je voorkomen door voor groen de juiste plek te kiezen en om groen goed te onderhouden en verzorgen. Laat ConnectedGreen hier nu perfect van pas komen; een juist bodemvochtgehalte draagt namelijk bij aan de gezondheid van de boom of plant. Door dit te monitoren met de sensoren van ConnectedGreen kun je dus niet alleen efficiënter werken, maar bespaar je ook nog eens water en houd je bomen en planten beter in leven!

Extreme kou of hitte, regen, windstoten, hevig onweer, sneeuw, ijzel of lange perioden van droogte… Je hebt het vast zelf al gemerkt, we hebben steeds vaker te maken met extreme weersomstandigheden. De maatschappelijke opgave om steden leefbaar te houden betekent dan ook dat we de steden moeten aanpassen aan het veranderende klimaat. Een van de manieren om dat te doen is door groen. Groen is namelijk essentieel voor een klimaatbestendige en duurzame stadsomgeving. Groen werkt verkoelend, vermindert wateroverlast en verhoogt daarnaast het de infiltratiecapaciteit, dat ook droogte tegengaat. Maar hoe realiseren we groene steden? En hoe zorgen we ervoor de kosten van groenbeheer niet de pan uitrijzen?

Auteur: Malon Gerrits

Verdampingsprocessen hebben een koelend effect op luchttemperatuur en oppervlaktetemperatuur. In een natuurlijke omgeving zorgen de bomen voor schaduw, lagere oppervlaktetemperaturen en luchttemperatuur. Echter, hebben grote percentages bebouwing en andere verharde oppervlakken een geringere verdamping tot gevolg.

Materiaaleigenschappen met betrekking tot het reflecterende en het warmte absorberende vermogen van zonlicht hebben invloed op de oppervlaktetemperatuur, en dus de luchttemperatuur in de stad. Het reflecterende vermogen van zonlicht wordt Albedo genoemd.

Verharding en bouwmaterialen van het stedelijk gebied hebben over het algemeen een lager Albedo dan begroeide oppervlakken. De materialen van het stedelijk gebied reflecteren minder en absorberen meer zonlicht wat tot hogere oppervlakte- en luchttemperaturen leidt. Dat betekent tevens meer smogvorming. Warme lucht neemt namelijk verontreinigingen en stofdeeltjes mee naar hogere luchtlagen waardoor een smogbel ontstaat. Koelere lucht van buiten de stad wordt opgewarmd aan de stadsrand en dringt daardoor niet meer door tot in de stadskern.

De meest effectieve maatregel voor het beperken van oppervlaktetemperaturen is het beperken van het percentage verhard oppervlak.

10 airco's verkoelen net zoveel als 1 boom

Bomen zijn natuurlijke probleemoplossers. Bomen en groen hebben een verkoelend effect op het stadsklimaat: dat komt doordat er door schaduwvorming minder zonnestraling op het aardoppervlak terecht komt en door het warmte absorberend effect door de verdamping van vocht uit de bladeren.

Uit onderzoek blijkt zelfs dat in de zomer (afhankelijk van de boomsoort) slechts 10% tot 30% van het zonlicht de grond in de schaduw van een boom bereikt. Verschillende studies in Amerika toonden aan dat muren die in de schaduw van bomen liggen gemiddeld 20°C koeler zijn. Het onderzoek De Hittebestendige Stad van de Hogeschool van Amsterdam beschrijft dat 10% meer vergroening leidt tot een halve graad minder hitte in de stad.

Minder grote afvoerpieken bij neerslag

Vergroening is niet alleen goed voor het beperken van de opwarming, maar biedt ook voordelen voor de wateropgave. Groen zorgt voor minder grote afvoerpieken bij neerslag. In plaats van direct naar het riool te stromen, wordt het water eerst opgeslagen door bladeren of takken. Pas als deze verzadigd raken, loopt het water naar de bodem. Hierdoor bereikt een deel van de neerslag de bodem met vertraging en een ander deel verdampt. Daardoor wordt er minder neerslag tegelijk afgevoerd en krijg je minder wateroverlast.

Het verdampen van water door groen, de grond eronder en er omheen levert een bijdrage aan het beperken van hittestress dankzij een 2°C tot 5°C lagere luchttemperatuur in de directe omgeving. Daarbij verhoogt het de potenties van de biodiversiteit en leefkwaliteit.
Bladerdaken van bomen of pergola’s boven parkeerplekken, pleinen, schoolpleinen en speelplekken helpen de stad dus koeler te houden, maar zorgen er ook voor dat er minder stof en andere verontreinigingen in de lucht zitten, regenwater beter wordt vastgehouden en de leefkwaliteit in het algemeen wordt vergroot. Helaas staat groen in en om de stad nog steeds zwaar onder druk. Nog steeds worden er meer bomen gekapt dan er worden geplant. Daarbij wordt er steeds meer groen bebouwd en verhard dan dat er wordt toegevoegd.

Langzaam komt hier verandering in en zien steeds meer mensen in hoeveel goed groen voor een stad kan doen en zien stadsplanners het belang van investeren in duurzame ontwikkeling in.

Vitaal belang

Bomen zijn dus van vitaal belang, maar dan moeten ze wel gezond en volgroeid zijn.

Groen heeft zelf ook een watervraag. In tijden van droogte en watertekort kan groen dus ook het probleem vergroten. Aandacht is dus belangrijk, wanneer je het aan de boom gaat zien ben je vaak al te laat. Als je de boom te veel water geeft krijg deze weinig tot geen zuurstof meer bij de wortels. Dit maakt de boom niet alleen ‘lui’, waardoor de wortels zich niet kunnen ontwikkelen ten opzichte van de kroon, in het slechtste geval sterft de boom af. Je kunt dat voorkomen door de juiste bomen op de juiste plek te planten, regenwater zoveel mogelijk op te slaan en te bewaren voor droge periodes en door monitoring. Om groen ook te laten groeien op minder natuurlijke plekken zoals in een stadscentrum, op een viaduct of dak, is monitoring simpelweg noodzakelijk.

Kosteneffectief beheer

Het geven van water is maatwerk en afhankelijk van de omstandigheden. Een vaste hoeveelheid en frequentie zijn dan ook niet te geven. Dit maakt monitoren op water extra belangrijk. Daarom helpen wij sinds 2017 groenvoorzieners, gemeenten, hoveniers, provincies, kwekers en waterschappen met slimmer en efficiënter werken. Dit doen wij door het combineren van kennis over bomen en planten met ‘Internet of Nature’.

ConnectedGreen is een slim systeem voor het op afstand monitoren van groenprojecten, bomen, vakken, bakken, gazons en dak- en gevelgroen. Het systeem bestaat uit draadloze sensoren, een slimme cloudomgeving en gebruiksvriendelijke apps voor zowel opdrachtgevers als opdrachtnemers. Hierdoor ontstaat er een betere samenwerking, zijn meetgegevens waardevol om te gebruiken in systemen voor asset management en werkplanning (datagedreven werken). Tegelijkertijd worden er veel kosten bespaard op inboet, watergift en projectbezoeken.

Inmiddels zijn al meer dan 1500 van onze draadloze sensoren geplaatst in projecten door heel Nederland en België.

Grote besparing

In de gemeenten Veldhoven zijn in 2019 zo’n 300 bomen omgewaaid door stormschade. De 70 bomen die daarvoor zijn teruggeplant, worden nu verzorgd op basis van de gegevens van de sensoren. In totaal zijn er 840 nieuwe bomen geplaatst in de gemeente Veldhoven. ‘De investering in de sensoren en het bijbehorende abonnement verdien je snel terug’, aldus groenadviseur Ron Berben. ‘Na drie maanden heb ik het verschil uitgerekend. Als we alle 840 bomen op basis van de vochtsensoren hadden verzorgd, hadden we in drie maanden 20.000 euro bespaard op water-, loon- en materiaalkosten. Ik ben er zelf oprecht verbaasd over. Je verspilt geen water, maar geeft ook niet te weinig, dus de boom wordt optimaal verzorgd. En ritjes tussendoor om de status van de boom en de grond te controleren hoeven ook niet meer. Dat is nog een interne besparing die niet het bedrag zit. Ook kan de uitvoering gecontroleerd worden. De vochtsensoren geven een piek wanneer er water wordt gegeven.’

Scan de QR-code en ga ook aan de slag met kosteneffectief groenbeheer.

Juiste aanpak maakt steden gezonder en plezierig om in te leven, wonen en werken. Leven in harmonie met de natuur betekent meer biodiversiteit, meer zuurstof en minder stikstof en fijnstof. Dit resulteert in minder verdroging en een koelere stad in de zomer. Dat is vervolgens weer goed voor vermindering van het energieverbruik. Helaas komen lange periodes van droogte steeds vaker voor. Ook blijkt dat binnensteden en bedrijventerreinen soms wel bijna 10 graden warmer zijn dan het buitengebied. Dat gaat ten koste van de leefbaarheid. We zullen dus een balans moeten zoeken!
Auteur: Malon Gerrits

Maatregelen om de balans te vinden en de negatieve gevolgen van klimaatverandering voor het stadsklimaat te beperken

De gevolgen van de klimaatverandering zijn in steden extra voelbaar door het zogeheten -effect (UHI). De temperaturen zijn daar in de nachtelijke uren gemiddeld hoger dan in het buitengebied. Bij helder weer kunnen de verschillen ’s nachts oplopen tot 3 à 5 °C, maar ook verschillen van 8 à 10 °C worden steeds vaker waargenomen.Een significante oorzaak is de sterke opwarming van materialen en oppervlakken in deze stedelijke gebieden. Andere factoren die aan het UHI-effect bijdragen, zijn de warmteproductie door verkeer en bedrijvigheid, verminderde afkoeling doordat vegetatie en open water schaars zijn en de stedelijke geometrie. Deze zorgt namelijk voor een hogere ‘invang’ van zonnestraling, terwijl door de kleinere de thermische uitstraling minder is dan in het open veld.Met oplossingen als meer groen, bijvoorbeeld door groene daken, minder verharding en zelfs een andere materiaalkeuze kunnen wij als groensector die temperaturen aanzienlijk omlaag krijgen.

Een significante oorzaak is de sterke opwarming van materialen en oppervlakken in deze stedelijke gebieden

Meer groen – groene daken
Daken vormen een aanzienlijk deel van de verharding in een stad en kunnen daarom een belangrijke bijdrage leveren aan klimaatadaptatie. Groene daken beschermen niet alleen tegen erosie, maar brengen ook een extra isolatielaag aan. Zo bespaar je energie en zorg je voor een betere afvoer van regenwater. Daarnaast biedt een groen dak een prachtig groen uitzicht, heeft de beplanting een luchtzuiverende werking en worden biodiversiteit en warmteregulatie bevorderd.

Met een groen dak werk je dus automatisch mee aan een groene toekomst voor mens en klimaat. Daarom maken groene daken deel uit van klimaatbestendig bouwen. Ook voelen mensen zich veel prettiger in een groene omgeving dan in een grijze.

Meer groen – het vitale belang van bomen
Niet alleen groene daken, ook bomen leveren een belangrijke bijdrage aan klimaatadaptatie. Om te beginnen is het belangrijk om stil te staan bij de verschillende functies die een volwassen boom in de stad heeft.
Bomen voorzien ons van zuurstof, slaan CO2 op, geven schaduw, houden water vast, verdampen water en fungeren daarmee als airco voor de hete stad. Verder bieden ze een leefomgeving en schuilplaats voor vogels en dieren, doen ze dienst als biotoop voor insecten en hebben ze een positieve impact op de omgeving. Bomen verfraaien de stad met hun verschijningsvormen, verminderen en verstrooien geluid, leveren economische waarde aan volwassen lanen enzovoort. Het lijkt wel een eindeloze opsomming. Steeds meer is men het erover eens: als een boom groeit, groeien de baten, en bomen maken ons gelukkig. Daarom hebben we niet alleen bomen in beboste gebieden, op het platteland en in onze achtertuin, maar ook op plaatsen waar steeds meer mensen opeengepakt zitten, zoals in steden.

'Eén boom verkoelt net zoveel als tien airco's'

Bomen zijn natuurlijke probleemoplossers. Door zuurstof en schaduw te bieden, kunnen ze hittestress bestrijden, als we ze een handje helpen bij hun groei. Grote en gezonde bomen fungeren als natuurlijke airconditioning en kunnen zo helpen om steden toekomstbestendig te maken. Een volgroeide boom kan ongeveer 150 kilo CO2 per jaar absorberen.

Starterskit
In straten waar grote bomen staan, is het gemiddeld 4 graden koeler. Dit verschil kan oplopen tot 8 graden als je de stad uit gaat. Dat heeft verschillende oorzaken. Bomen geven schaduw, wat uiteraard voor verkoeling zorgt. Het gevolg daarvan is dat tegels en asfalt geen hitte kunnen absorberen en afgeven. Ook transpireren bomen via de bladeren (evapotranspiratie), waardoor de temperatuur daalt. De wortels van bomen houden vocht vast, wat de bodem koeler maakt.
Bomen zijn dus van vitaal belang, maar dan moeten ze dus wel gezond en volgroeid zijn. Aandacht is belangrijk, zodat de boom geen vocht tekortkomt. Als je dat aan een boom kunt zien, ben je vaak al te laat. Maar als een boom te veel water krijgt, krijgt hij weinig tot geen zuurstof meer bij de wortels. Dit maakt de boom ‘lui’, waardoor de wortels zich niet kunnen ontwikkelen ten opzichte van de kroon, en in het slechtste geval sterft de boom zelfs af.
Het geven van water is maatwerk en moet worden aangepast aan de omstandigheden. Een vaste hoeveelheid en frequentie zijn dan ook niet te geven. Dit maakt monitoren extra belangrijk.

Bomen zijn van vitaal belang, maar dan moeten ze wel gezond en volgroeid zijn

De toekomst bouwen we samen
De verschuiving naar een groenere omgeving is onvermijdelijk, als we toekomstbestendige steden willen bouwen. En hoewel groen dus onmisbaar is voor het welzijn van mensen en onze planeet, is het niet vanzelfsprekend. Groen moet – in onze ogen onterecht – nog te vaak concurreren met grijs. Om ook groen te laten groeien op minder natuurlijke plaatsen, zoals in een stadscentrum, op een viaduct of op een dak, is monitoring noodzakelijk.
Gelukkig groeit het besef dat groen veel goeds voor een stad kan doen en begrijpen stadsplanners hoe belangrijk investeren in duurzame ontwikkeling is. Wij zien steeds meer groenbedrijven die de kracht van bodemvochtmonitoring inzien en aan de slag gaan met sensormanagement van Connected Green.
Sinds 2017 helpen wij groenvoorzieners, hoveniers, kwekers, provincies, gemeenten en waterschappen om slimmer en efficiënter te werken. Dit doen wij door het combineren van kennis over bomen en planten met het Internet of Nature. Inmiddels zijn er al meer dan 1500 draadloze sensoren van ons geplaatst in projecten in heel Nederland en België.

Bron: Boomzorg

Slimme vochtsensoren gaan datagedreven fleetmanagement optimaliseren

Curious Inc. is een bedrijf dat zich toespitst op de markt van mobiliteit en logistiek met data- en telematicaoplossingen. Zo ontwikkelen zij software ter ondersteuning van een duurzamer en efficiënter wagenparkbeheer (fleetmanagement). Op 8 december jl. zijn zij een samenwerking aangegaan met ConnectedGreen, een specialist in sensortechnologie. Het streven van de samenwerking is om datagedreven werkprocessen, zoals het onderhoud van het gemeentelijk groen en grijs, tot ultieme transparantie en efficiëntie te perfectioneren.

Auteur: Jeroen Poldermans

‘Je wil niet dat groen en grijs beide hun eigen sensoren, applicaties en workflowondersteuning gaan krijgen. Wat wij graag willen, is dat er één geïntegreerde omgeving komt voor rijrouteoptimalisatie en dat het groen- en grijsbeheer daar een onderdeel van gaat vormen.’ Die ‘wij’ zijn René Voogt (oprichter/eigenaar van ConnectedGreen) en Hans Schaap (oprichter/eigenaar van Curious Inc.). Datagedreven werken heeft de toekomst, dus voor gemeenten en groenbedrijven komt deze match wellicht als de turnkey oplossing waar ze naar zochten. Wat houdt deze duurzame samenwerking precies in?

‘Het groenonderhoud is voor een gemeente geen geïsoleerd werkproces’

Meer dan een samenwerking

De overeenkomst is meer dan zomaar een samenwerking. Het betekent de volledige integratie van beide systemen ter optimalisatie van datagedreven workflowondersteuning. Aan de ene kant wordt de assetmanagementsoftware van Curious Inc. versterkt met de data en de daaraan gekoppelde domeinkennis en klantkennis van ConnectedGreen. Voor de gebruikers van het ConnectedGreen-platform vindt aan de andere kant een koppeling plaats met efficiënte asset- en fleetmanagementapplicaties. Een ideale match dus, omdat de organisaties die met het ConnectedGreen-platform werken, over het algemeen een wagenpark beheren en Curious Inc. applicaties ontwikkelt voor efficiënter gebruik van voertuigen en optimalisatie van rijritten. The best of both worlds.

Het groenonderhoud is voor een gemeente geen geïsoleerd werkproces maar wordt doorgaans gecombineerd met andere taken, bijvoorbeeld het legen van prullenbakken. Curious Inc. heeft al een applicatie geschreven voor het grijsonderhoud, waarmee in enkele steden wordt gewerkt. De integratie met de sensortechnologie die het groenonderhoud aanstuurt, is een logische en wellicht cruciale uitbreiding van beide portfolio’s. De samenwerking is niet alleen duurzaam, maar dient ook een gemeenschappelijk duurzaam doel, want de versterkte knowhow levert een enorme besparing aan brandstof op.

Gemeente Enschede als pilot

Curious Inc. vormt een kapstok van drie businessinitiatieven met bijbehorende applicaties. Een daarvan is Grybb, waarmee de planning van het grijsbeheer voor de gemeente Enschede tot in de puntjes wordt verzorgd. ‘Beheren jullie naast de grijze assets toevallig ook de bomen?’ Met deze vraag van de gemeente Enschede in het achterhoofd ging Schaap op zoek naar een bedrijf dat zich met de groene materie bezighield. ‘Zo ben ik in contact gekomen met René Voogt en is de eerste samenwerking als pilotproject in Enschede van start gegaan,’ aldus Schaap. Enschede had al sensoren van ConnectedGreen aangeschaft en Schaap en zijn team hebben daarvan de implementatie en koppeling met de assetmanagementsoftware tot stand gebracht. ‘Deze pilot was een groot succes, want de eerste uitbreidingen zitten eraan te komen. Toen zijn we gaan nadenken over een follow-up die nu officieel contractueel is bezegeld,’ vult Voogt aan.

‘Ook in natte condities leveren de vochtsensoren geld op’

Deze rij bomen is hoogzomer in de Hemsterhuisbuurt in Amsterdam aangeplant en is het ondanks de hitte en dankzij de sensoren goed gaan doen.

Deze rij bomen is hoogzomer in de Hemsterhuisbuurt in Amsterdam aangeplant en is het ondanks de hitte en dankzij de sensoren goed gaan doen.

Het belang van sensortechnologie

De vochtsensoren meten het vochtgehalte op wortelniveau en geven daarmee uitsluitsel of jonge bomen en/of beplanting water nodig hebben. Deze informatie wordt verzameld in het ConnectedGreen-platform en vormt daarmee de basis voor:

  • een efficiëntere rijroute en dus een besparing op brandstof, water, personeel en materieel;
  • transparantie in de werkprocessen. Facturen worden inzichtelijker dankzij de data-input;
  • minder inboet van het groenbestand;
  • verantwoording van gemeentelijk belastinggeld naar de burgers.

We hebben in 2021 een natte zomer gehad. Waren de vochtsensoren dan nog nuttig?
‘Dat is een logische vraag en het antwoord daarop is: ja! Ook in natte condities leveren de vochtsensoren geld op. Ons gevoel zegt dat het niet hoeft en de sensor beaamt dat het niet hoeft en dus besparen ze. Juist dit jaar, met al die regenval, is er veel geld bespaard door de eenduidige informatie. Voor een gemeente is het belangrijk dat alle onduidelijkheden over het nut van beregening worden weggehaald. Er is een personeelstekort, dus je wilt niet dat mensen gaan kijken of een boom überhaupt wel water nodig heeft, of water geven terwijl dat niet nodig is,’ legt Voogt uit. Schaap voegt daaraan toe: ‘Een relatie vertelde dat hij met de sensoren in staat is de inboet van bomen te reduceren. Inboet kost veel geld vanwege het niet aanslaan van die boom, maar ook vanwege de kostenpost die de historie van zo’n boom vertegenwoordigt. Die kosten zijn behoorlijk toegenomen de afgelopen jaren vanwege het toegenomen volume, de arbeidskosten en de logistiek rondom het bomenbeheer.’

Curious Inc.: van studentenstart-up naar nichemarktleider

Hans Schaap heeft zich tijdens zijn technische studie beziggehouden met sensortechnologie om van alles en nog wat te meten. Van luchttemperatuur tot luchtvochtigheid. In die periode ontstond zijn interesse voor het concept IoT (Internet of Things). Het IoT bestaat uit fysieke voorwerpen, zoals auto’s, huishoudelijke apparaten en wearables die met internet zijn verbonden en online gegevens kunnen verzenden. Na zijn studie richtte hij zijn start-upbedrijf GreenStar Logistics op waarmee hij IoT ging toepassen in de markt van de mobiliteit en logistiek. Zo ontstond het idee om voor de mobiliteitsmarkt datagedreven workflowoplossingen te ontwikkelen. Een van deze duurzame mobiliteitsconcepten was de Rijgedragcoach. De eerste applicatie die GreenStar Logistics maakte, kreeg de naam Dation en richtte zich op rijscholen. Daarmee zijn ze in die niche de marktleider in Nederland en België geworden. Hun tweede succesvolle applicatie is YesHugo, waarmee duizenden auto’s worden ondersteund op basis van ritregistratie, track-and-trace en voertuigenbewegingen. De derde applicatie is de eerdergenoemde assetmanagementapplicatie Grybb. Uiteindelijk groeide GreenStar Logistics uit tot Curious Inc.

‘Van begin af aan was duurzaamheid het kernidee achter al onze applicaties’

Duurzaamheid als kernidee

‘Van begin af aan was duurzaamheid het kernidee achter al onze applicaties,’ vervolgt Schaap. ‘De Rijgedragcoach is een module, juist bedoeld om brandstof te besparen. Een ander voorbeeld is de mobiliteitsbattle die we samen met de provincie Overijssel onder de vlag YesHugo hebben georganiseerd. Bedrijven en instellingen uit Overijssel kregen een jaar lang rijgedragcoaching en gingen vervolgens een competitie aan met elkaar. Deelnemers moesten zo veel mogelijk brandstof besparen en de spits vermijden. Ze konden punten verdienen door minder hard op te trekken en te remmen, buiten de spits te reizen of de auto helemaal te laten staan. Ik kan meer voorbeelden noemen, maar waar het om gaat is dat onze duurzaamheidsfilosofie en kennis van telematica en mobiliteit naadloos past bij de visie en corebusiness van onze partner ConnectedGreen. Ik denk dat wij samen op dit moment de enigen zijn die het hele spectrum kunnen bieden aan datagedreven workflowoplossingen voor grijs- en groenbeheer.’

In Den Haag zijn sommige routes van groenbedrijven 25% ingekort dankzij de data van de sensoren.

In Den Haag zijn sommige routes van groenbedrijven 25% ingekort dankzij de data van de sensoren.

Het succesverhaal van de slimme sensoren

ConnectedGreen is in 2017 opgericht door René Voogt en heeft als missie: met slimme technologie de wereld groener maken. In 2018 stond hij voor het eerst op de Vakbeurs Openbare Ruimte met zijn vochtsensoren. Sinds die tijd heeft zowel het werken met sensoren als het daaraan gelieerde datagedreven werken een vlucht genomen. Het ConnectedGreen-platform bestaat uit slimme vochtsensoren, een cloudomgeving en een app voor zowel opdrachtgever als opdrachtnemer. Sensoren meten het vochtgehalte van de bodem. De informatie van de sensoren komt terecht in een digitaal platform dat onder andere voorzien is van een logboek en een dashboard met de symboliek van het stoplichtsysteem. De onderscheidende kracht van ConnectedGreen zit hem in de opgeslagen gegevens over de 2400 meest voorkomende planten en bomen in het stedelijk groen, en in de informatie over de diverse geijkte grondsoorten. Grondsoorten die niet in de database voorkomen, worden in een laboratorium nader onderzocht en alsnog toegevoegd. Een van de opdrachtgevers die werken met dit systeem, is de gemeente Den Haag. Daar leverde het werken met sensoren na vier maanden een besparing op van ongeveer 1,2 miljoen liter water en de nodige brandstof en manuren.

Gemeenschappelijk expertisegebied

Datagedreven werken is enorm in opmars omdat opdrachtgevers zo veel mogelijk transparantie in en efficiëntie van hun workflow willen hebben. ‘Ik denk dat de integratie van onze systemen belangrijk is omdat we datagedreven werken niet alleen op het groenbeheer willen toepassen,’ vertelt Voogt. ‘Naast een boom staat misschien wel een prullenbak. Curious Inc. heeft een propositie voor gemeentelijke diensten als “prullenbakken legen”. Zij werken net als wij met sensoren die datagedreven werkprocessen aansturen en voor hen is onze domeinkennis van het stedelijk groen essentieel. We houden ons allebei bezig met smartcity-toepassingen en ons expertisegebied kent een grote overlap. Er werken nu meer dan honderdtwintig organisaties met het ConnectedGreen-platform en de samenwerking is een logische vervolgstap om datagedreven werken breder aan te kunnen bieden.’

‘De samenwerking is een logische vervolgstap om datagedreven werken breder aan te kunnen bieden’

Toekomstplannen

De handtekeningen zijn gezet en daarmee neemt Curious Inc. het merk, de software en het personeel van ConnectedGreen over, maar blijft ConnectedGreen als merk bestaan. René Voogt blijft betrokken totdat Curious Inc. alles goed op de rails heeft staan. Voor de relaties van zowel ConnectedGreen als Curious Inc. verandert er niets, behalve dat ze meer mogelijkheden krijgen.
‘Met de uitbreiding van ons portfolio willen we gemeenten die het goede voorbeeld willen geven op het gebied van duurzame oplossingen, nog beter kunnen faciliteren. Ik wil daarom de lezers van Stad + Groen uitnodigen om met ons hierover van gedachten te wisselen en met ons te sparren,’ besluit Schaap.

Bron: Stad+Groen

Connected Green: sensormanagement is een vak apart

De inzet van sensoren voor het meten van bodemvochtigheid is inmiddels een groot succes. Nu is het zaak om de data beter te kunnen interpreteren, zodat er nog meer ‘winst’ wordt geboekt. Connected Green heeft hiervoor zijn platform helemaal state-of-the-art ingericht en leidt momenteel speciale sensormanagers op, die de boomverzorging efficiënter maken. Verschillende groenvoorzieners werken al met een sensormanager. René Voogt (Connected Green), Jan Willem de Groot (Pius Floris Boomverzorging) en Elsemiek van de Kamp (Ter Riele) duiken in de tips en tricks van sensormanagement.

Auteur: Emiel te Walvaart

Connected Green is een platform voor de monitoring van groenvoorzieningen, waarbij sensoren worden ingezet die verbonden zijn met het Internet of Things. Dat de sensoren goed werken staat onderhand buiten kijf. Maar door de gegevens uit die sensor beter op waarde te schatten valt er nog meer uit het systeem te halen. René Voogt (Connected Green): ‘We stellen de sensoren in mensentaal in en geven op een laagdrempelige wijze de status van de sensor weer. Met andere woorden: we voegen domeinkennis toe aan de sensoren. Dat is de toegevoegde waarde. We zorgen ervoor dat de juiste informatie, op het juiste moment, bij de juiste persoon terecht komt. Dit doen we voor veel groenvoorzieners en gemeentes. Inmiddels hebben we in de Benelux meer dan 2000 sensoren in gebruik en zijn er 120 organisaties die gebruikmaken van ons platform.’

Apart vakgebied

Er zijn momenteel organisaties en gemeentes die tientallen tot honderden sensoren in gebruiken. Het Connected Green-systeem is flexibel ingericht en de sensoren kunnen tussen verschillende projecten worden verplaatst. In dat geval wordt het steeds belangrijker om de sensoren goed te beheren. ‘Welke sensoren hebben we? Waar staan ze precies? Het management van deze sensoren wordt in feite een apart vakgebied. De eerste jaren zijn we vooral bezig geweest met het overtuigen van mensen, hoe het systeem exact werkt en wat de voordelen ervan zijn. Maar nu moeten we gebruikers informeren over de mogelijkheden om de sensoren te verplaatsen van het ene naar het andere project. Om dit in goede banen te leiden moet je aan sensormanagement gaan doen. Een vak apart eigenlijk en hierbij helpen we steeds meer klanten. Daarvoor hebben we de opleiding sensormanagement ontwikkeld Die hebben we voor het eerst bij Pius Floris hebben gegeven, want dit bedrijf heeft in totaal zo’n tweehonderd Connected Green-sensoren.’

Afhankelijk van de nazorgduur die bij projecten is afgesproken, kan de gebruiker sensoren na een bepaalde periode op een andere plek neerzetten. Het hele systeem is hierop ingericht. ‘Begin 2020 kondigden we nieuwe stappen voor ons systeem aan, zoals koppelen, beheren en kalibreren. Deze ontwikkelingen zijn inmiddels allemaal geïntegreerd in ons pakket, zo is er een koppel- en gebruikersbeheermodule. Je merkt dat klanten er nu ook aan toe zijn om zich te verdiepen in het sensor- en gebruikersbeheer. Omdat er steeds meer sensoren en belanghebbenden komen, willen gebruikers graag informatie delen en weten waar welke sensor staat.’

Dit is nog maar het begin

Volgens Voogt staan we nog maar aan het begin. ‘Connected Green groeit hard. De meeste partijen beginnen met een beperkt aantal sensoren om het concept te testen. Dit jaar zetten de grotere klanten sensoren grootschalig in. De vraag naar groen in de openbare ruimte neemt toe. Er is behoefte aan recreatie dichterbij huis als gevolg van de lockdowns. Ook willen mensen dat hun kinderen opgroeien in schonere lucht, en daarnaast zijn natuurinclusief bouwen en stadslandbouw in opkomst. Dit betekent dat er rondom bouwwerken groen wordt aangelegd, maar dat is niet zo natuurlijk als in een bos. Bomen op het dak of balkon, of een groene wand, dat moet je goed monitoren. Als je dat achterwege laat, gaat de boom eraan.’

René Voogd

René Voogt

Voogt wil met Connected Green ook bijdragen aan kennisdeling voor de groensector. Het bedrijf is lid van NL Greenlabel en is het op zoek naar andere partners. ‘Ons platform is sensoronafhankelijk, dus we kunnen elke sensor koppelen. Hoe meer sensordata, hoe beter. Sensorleveranciers moeten platformonafhankelijk zijn en platformleveranciers moeten sensoronafhankelijk zijn.’

Voogt zit niet stil en kijkt graag naar de toekomst. ‘Ik verwacht dat elk bedrijf in onze sector met een sensor- of datamanager gaat werken. Ook denk ik dat prognoses in de toekomst belangrijker worden. Als je de acties kunt afstemmen op wat de sensoren melden, wordt het voorspellende vermogen steeds groter. We hebben bijvoorbeeld naast een rapportagemodule ook een analyse- en voorspellingsmodule in de pijplijn zitten. Die wordt binnenkort onmisbaar en is heel interessant, want deze geeft aan hoeveel liter water je een boom moet geven. Dit wordt gebaseerd op gegevens uit het verleden, in combinatie met de verwachtingen.”

Betere afstemming

Een van de bedrijven die gebruikmaakt van het Connected Green-platform is Pius Floris Boomverzorging uit Veenendaal, al sinds ruim drie jaar. Inmiddels staan er een kleine tweehonderd bodemvochtsensoren op verschillende locaties in Nederland en België. Het boomverzorgingsbedrijf streeft ernaar om zoveel mogelijk uit het platform te halen, zodat de klant nog beter bediend kan worden. Daarom zijn er onlangs vier medewerkers opgeleid tot sensormanager. René Voogt van Connected Green bracht de deelnemers de fijne kneepjes van het werken met bodemvochtsensoren bij, zodat zij in staat zijn om de projecten beter te managen en de data van de vochtsensoren te analyseren.

‘De aanplant van bomen is bij ons heel belangrijk’, aldus Jan Willem de Groot, franchisemanager bij Pius Floris. ‘Als je geen goede nazorg biedt, is je hele investering eigenlijk tenietgedaan. Vaak gaat het fout met de watergift. Soms te veel, soms te weinig. Met behulp van het platform van Connected Green kan je dit proces beter beheersen. Voordat we hiermee aan de slag gingen, was er eigenlijk maar één mogelijkheid om een boom te monitoren: een fysiek bezoek afleggen. Dan hadden we bijvoorbeeld een schema waarbij we één keer in de week water gaven. Door de sensoren kunnen we het watergeven beter afstemmen op de daadwerkelijke situatie en behoefte’, meent De Groot..

Hij hecht veel belang aan de interpretatie van de sensorgegevens. ‘We willen natuurlijk allemaal graag een apparaat dat ons precies vertelt wat we moeten doen. Toch moet je altijd nog je gezond verstand gebruiken, ook al maak je gebruik van sensoren. Je kunt wel een sensor in de grond plaatsen, maar je moet nog steeds weten hoe de bodemvochthuishouding in zijn werk gaat. Dit kan wel eens een valkuil zijn voor mensen.’

Korte lijnen

Momenteel heeft Pius Floris bij zo’n 45 projecten sensoren geplaatst, gemiddeld drie sensoren per project in Nederland en België. Regelmatig worden die sensoren naar andere projecten verplaatst. De sensormanagers leiden dit proces in goede banen. Zij beheren het systeem aan de achterkant met de juiste instellingen en parameters. Hierdoor neemt het gebruiksgemak binnen een grote organisatie toe volgens De Groot. ‘Je kunt niet van elke medewerker verwachten dat hij meteen met de sensoren om kan gaan. Daarom hebben we deze specialisten opgeleid.’

Eerst lag de verantwoordelijkheid van het sensormanagement bij De Groot zelf, maar omdat er zo veel sensoren in omloop zijn, heeft Pius Floris besloten om een aantal medewerkers hiervoor in te zetten. Zo blijven de lijnen bij de verschillende bedrijven die onder Pius Floris ressorteren kort. De sensormanagers kunnen met de meeste zaken omgaan, alleen voor complexe zaken zouden ze kunnen aankloppen bij De Groot of Voogt van Connected Green. De kennis komt zodoende meer bij de lokale projecten terecht.

Jan Willem de Groot

Jan Willem de Groot

De Groot ziet dan ook verschillende voordelen van Connected Green. ‘Zo kun je naar de opdrachtgever met meetwaardes aantonen dat je water hebt gegeven. Bovendien voorkom je dat je te vroeg of te laat water geeft en kun je de watergift veel beter plannen. Daarnaast kun je ook de trend van het vochtgehalte in de bodem eenvoudiger monitoren, waardoor je op water kunt besparen. Als je een keer in het seizoen geen water hoeft te geven, scheelt dat veel. Ook kun je de boom op een belangrijk moment water geven, zodat hij toch aanslaat. Toch is mijn ervaring dat je niet blind moet varen op de sensoren, want de kwaliteit van de boom is essentieel. Je moet de boom ook fysiek blijven beoordelen. Al met al is Connected Green een zeer effectieve toevoeging aan de nazorg van bomen.’

Een belangrijk aandachtspunt is de kennis van de bodemvochthuishouding. De Groot: ‘Investeer daarin om te kunnen begrijpen wat je met de data van de sensor kunt doen. Als je dat niet doet, ga je de mist in. Het is echt een kennisinstrument. We hebben tot nu toe veel geleerd van het proces . Iedereen die overweegt om aan de slag te gaan met Connected Green, zou dat in de oren moeten knopen. Je wilt voorkomen dat iemand beweert dat de sensor niet werkt. Dat is niet eerlijk. Als je zonder inhoudelijke kennis met het product aan de gang gaat, kan het tot frustraties en onbegrip leiden. Dat is de valkuil.’

Op afstand monitoren

Een andere partner van Connected Green is hoveniers- en groenvoorzieningsbedrijf Ter Riele B.V. Vorig jaar april zijn de eerste sensoren geplaatst. ‘Een van de redenen was dat 2018 en 2019 heel droge jaren waren en we de watergift beter wilden beheren. Het een behoorlijke afstand als je met de trekker van Klarenbeek naar Winterswijk moet rijden. Je was in die droge periodes veel water aan het geven, maar je kon eigenlijk nooit controleren of het de juiste hoeveelheid op het juiste moment was. Het speelt ook mee dat we op allerlei soorten bodems actief zijn, zoals droge zandgrond of natte klei. Door op afstand te monitoren, kun je gerichter werken en efficiënter met water omgaan’, legt Elsemiek van de Kamp, calculator/werkvoorbereider bij Ter Riele, uit.

Op een groenproject langs de A1, van Deventer tot Azelo, heeft Ter Riele zo’n vijftig sensoren geplaatst om de watergift te stroomlijnen. Ook bij een aanlegproject in Amersfoort is gebruikgemaakt van het platform van Connected Green. Daar is bijvoorbeeld een sensor geplaatst bij een aangeplante grote beuk van 40/45 cm. ‘Het is de laatste jaren gebleken dat de beuk snel uitdroogt en daar staat de boom op de droge zandgrond. Ook hebben we Lumido in de bodem verwerkt tijdens de aanplant, zodat het vocht goed wordt vastgehouden en om de kans op inboet te verkleinen. Door tijdige watergift en de juiste aanplant zorgen we ervoor dat deze beuk aanslaat. We kunnen de watergift met de sensor nu goed monitoren.’

Elsemiek van de Kamp

Elsemiek van Kamp

Elsemiek stak veel op van de ins en outs van Connected Green toen René Voogt in het voorjaar assisteerde bij de inregeling van vijftig sensoren bij het A1-project van Ter Riele. ‘Verschillende vragen passeerden de revue. Wat is de juiste plek voor de sensor? Bij welk type boom kun je dat doen? Hoeveel sensoren zet je bij welke aantallen bomen neer? Zijn er verschillende grondslagen? Wat is er aan bodemverbetering gedaan? En zo moet je de minst of meest ideale situatie pakken, afhankelijk van je wensen. Ook moet je de gps-coördinaten goed meegeven als je een sensor hebt geplaatst, zodat je hem terug kan vinden. Dat moet je ook niet vergeten als je de sensor verplaatst naar een ander project.’

Verder is Connected Green handig om de opdrachtgever inzage te geven in een project. ‘Je hebt bijvoorbeeld te maken met de bestekverplichting voor het inboeten van bomen. Mocht een boom niet aanslaan, dan kun je altijd nog via de sensor aantonen dat je hem voldoende water hebt gegeven. Als het bijvoorbeeld heeft geregend, kun je de watergift uitstellen. Op die manier kun je je verantwoorden naar de opdrachtgever.’

Kennis vochthuishouding

Van de Kamp somt graag enkele voordelen van Connected Green op. ‘Omdat je beter weet hoe de bodemconditie is, kun je nu veel efficiënter water gaan geven. Ook kun je de meetgegevens aan de opdrachtgever meegeven.’ Maar het systeem functioneert niet optimaal zonder een goed beheer. ‘De voorbereiding van een project met sensoren is heel belangrijk. Je moet goed weten waar je een sensor plaatst. Ook moet je op de hoogte zijn van de soorten die in een beplantingsplan voorkomen en hun waterbehoefte. Verder moet je een brede kennis van bomen en hun vochthuishouding hebben.’

Ze adviseert nieuwe gebruikers om wel de tijd te nemen voor de inregeling van Connected Green en de sensoren, want het systeem is zeer rendabel. ‘Als je in plaats van tien keer zeven keer per jaar water moet geven, dan heb je de sensor terugverdiend.’ Van de Kamp werkt samen met de uitvoerders van projecten om Connected Green zo goed mogelijk in te zetten. Ook maakt ze gebruik van de Jewel route-app in combinatie met de sensoren om voor de watergift zo efficiënt mogelijk te rijden.

Ter Riele zal in de toekomst alleen nog maar meer gebruikmaken van Connected Green. ‘Dat wil niet zeggen dat we het op een project van vijf planten inzetten. We gebruiken het wel als we binnenkort een project met zeventig bomen mogen beheren. Dan zetten we er vier of vijf sensoren neer. Het is projectafhankelijk of we het wel of niet doen.’

Al met al is Connected Green een uitstekend systeem, maar volgens Van de Kamp is het essentieel dat het sensormanagement goed op orde is. ‘Want als je met onvolledige data gaat werken, kun je het programma beter niet inzetten.’

Waarom is sensormanagement belangrijk?
Als het gaat om het meten van bodemvocht zijn er veel verschillende parameters. Het begint al bij het plaatsen van de sensoren op de juiste plek , diepte en de grondsoort. Ook moet er worden gekeken naar de connectie met het LoRa-netwerk van KPN, de juiste instelling van de app, de sensorindeling in projecten en de locatie op de kaart. Verder dien je de juiste gebruikers te koppelen voor het ontvangen van informatie en moet je de juiste rechten toekennen. En niet te vergeten zal je de app moeten koppelen om de gegevens in andere systemen te gebruiken. Het totaalplaatje is sensormanagement. ‘De gebruiker moet zelf Connected Green kunnen beheren en zo min mogelijk een beroep op ons doen’, zegt Voogt. ‘Bedrijven verzamelen meer en meer data en moeten die verwerken en beschikbaar maken. Daarom ontstaan er binnen onze sector ook steeds meer datamanagers. Om die reden hebben we de opleiding sensormanagement gelanceerd. Die kun je in een dagdeel doen.’

Bron: Stad+Groen

Digitaal platform Werkwijzer wordt verrijkt met watergeefdata van Connected Green.

Dit voorjaar zal bij drie launching customers de volledige integratie plaatsvinden van de sensoren en bijbehorende applicatie van Connected Green en het platform Werkwijze(R). Het doel van deze samenwerking is het creëren van een verbeterde aansturing van de workflow voor hun afnemers. De integratie komt tot stand dankzij een recent gerealiseerde koppelmodule die data-uitwisseling tussen de systemen mogelijk maakt. Wat houdt dit alles precies in?

Auteur: Jeroen Poldermans

‘Je kunt zeggen: ik ben naar een boom gereden en ik heb water gegeven, of je zegt: ik ben naar een boom gereden en ik heb water gegeven omdat de sensor aangaf dat dit nodig was. Dat is een heel andere onderbouwing van de inzet van mensen en middelen voor je opdrachtgever’, aldus René Voogt van Connected Green. Dit eenvoudige voorbeeld illustreert prima de essentie van de integratie van beide systemen. Realtime informatie over de input uit het veld, die taken genereert om de workflow te voeden. The best of both worlds!

‘Ik ben naar een boom gereden en ik heb water gegeven omdat de sensor aangaf dat dit nodig was’

Totstandkoming van de samenwerking

Connected Green en Werkwijzer hebben een gezamenlijke klant: Snoek Puur Groen. Deze kwam met de vraag of de data van de watergeefsensoren niet in Werkwijzer verwerkt konden worden. Die vraag kwam terecht bij Pieter Verloop van Werkwijzer. Verloop: ‘We hebben deze vraag serieus opgepakt, omdat ons platform juist bedoeld is om data te ontsluiten en zodoende de werkprocessen beter aan te sturen. Ik heb toen met René (Voogt) contact opgenomen en daarna is het balletje gaan rollen. Tijdens onze oriëntaties ontstond het idee om het project Snoek Puur Groen breder te trekken en toekomstbestendig te maken. Dat was de basis voor de integratie van beide systemen.’ Om de gegevens te combineren en daarmee de workflow te optimaliseren, moest er een koppelmodule gebouwd worden die de data van de systemen samenvoegde. Na de release hiervan is Werkwijzer het eerste platform met een koppeling naar Connected Green.

Connected Green, dashboard

Connected Green, dashboard

Vochtsensoren van Connected Green
Connected Green is in 2017 opgericht door René Voogt en heeft als missie: met slimme technologie de wereld groener maken. Het vochtregulatiesysteem van Connected Green bestaat uit slimme sensoren, een cloud-omgeving en een app voor zowel opdrachtgever als opdrachtnemer. Sensoren meten het vochtgehalte van de bodem. De informatie van de sensoren komt terecht in een platform, dat onder andere voorzien is van een logboek en een dashboard dat werkt als een stoplichtsysteem. De onderscheidende kracht van Connected Green zit hem in de opgeslagen gegevens over de 2400 meest voorkomende planten en bomen in het stedelijk groen, en in de informatie over de diverse geijkte grondsoorten. Grondsoorten die niet in de database voorkomen, worden in een laboratorium nader onderzocht en alsnog toegevoegd. Eén van de opdrachtgevers die werken met dit systeem, is de gemeente Den Haag. Daar leverde het werken met sensoren na vier maanden een besparing op van ongeveer 1,2 miljoen liter water en de nodige brandstof en manuren.

Versterken van elkaars kracht

De integratie is vooral interessant voor grote hoveniers, groenvoorzieners en gemeenten. Met de samenwerking en integratie van beide systemen spelen de partners in op de vraag naar meer data-aangedreven workflow. Verloop: ‘De integratie is een klassiek geval van synergie. Een duidelijke versterking van onze systemen. Het genereren van taken op basis van sensordata is absoluut een meerwaarde die wij de klanten kunnen bieden.’

Voogt: ‘De domeinkennis die wij in Connected Green stoppen, is superrelevant voor de mensen in het veld. Onze app geeft een beeld van een bepaalde veldsituatie en op basis daarvan kun je een actie uitvoeren. Werkwijzer biedt de mogelijkheid om de geïnterpreteerde data (bomen en planten hebben wel/geen water nodig), maar ook de taken die daaruit voortkomen (ga water geven) op een kaart weer te geven en die info te verrijken met bijvoorbeeld een logboek (wie heeft water gegeven, wanneer en hoeveel). Dit acteren op een alert gebeurt al in onze app, maar die beheerprocessen worden niet zo slim gedefinieerd als in Werkwijzer. Zij zijn specialisten op het gebied van werkprocessen en wij van sensoren. Wat dat betreft, zal er weinig veranderen. Ieder doet waar hij goed in is. Anders geformuleerd: schoenmaker, blijf bij je leest!’

Voordelen onder de loep

De grote voordelen van het werken met de sensoren en app van Connected Green zijn enorme besparingen op watergift, personeelskosten, projectbezoeken en inboet. Zo leverde het werken met de vochtsensoren in de gemeente Veldhoven in drie maanden tijd een besparing van 20.000 euro op aan water-, loon- en materiaalkosten. De grote voordelen van het werken met Werkwijzer zijn realtime inzicht in en controle op de werkzaamheden, meer efficiëntie, het opbouwen van een historie via logbestanden en het genereren van taken op basis van input uit het veld. De integratie van beide systemen levert de perfecte schakel op tussen het buiten- en binnenbeheer. Stel, je stuurt als groenvoorziener een factuur voor het geven van water. Zo’n factuur is transparanter als de watergeefacties zijn gebaseerd op taken die door de sensoren zijn gegenereerd en onderbouwd. De financiële verantwoording levert dus minder discussie op. Dankzij het inzicht in de waterbehoefte kun je mensen en middelen optimaal inzetten.

De opgebouwde historie ondersteunt de gemaakte calculaties en de eventuele nafacturatie. Voor de uitvoerenden is het grote voordeel dat ze een interactieve workchart hebben en op basis van gps kunnen zien waar ze zijn, en dat hun werkzaamheden en rapportages direct zichtbaar zijn op de GIS-kaart. De werkzaamheden binnen en buiten verlopen transparanter, effectiever en gerichter, waardoor de beplanting beter aanslaat – want laten we niet vergeten dat dat het uiteindelijke doel is.

Tekst gaat verder onder de foto’s.

Pas aangeplante boom

Pas aangeplante boom

Connected Green, vochtsensor

ConnectedGreen, vochtsensor

‘Een dashboard dat werkt als een stoplichtsysteem’

Integratie van systemen in de praktijk

Wat gaan de gebruikers binnen en buiten nu merken van deze integratie? Het platform van Werkwijzer bestaat uit modules die bouwblokken worden genoemd. Connected Green zal een optioneel bouwblok van Werkwijzer worden, dat door opdrachtgevers kan worden geactiveerd. Wanneer dat het geval is, zullen de gebruikers binnen, de managers en planners, gebruik kunnen maken van het dashboard van Connected Green – een dashboard dat werkt als een stoplichtsysteem. Kleurt de achtergrond rood, dan geeft het systeem aan dat er een watertekort is. Kleurt die oranje, dan heeft een bepaald project aandacht nodig, en bij groen is het waterpeil dik in orde.

De medewerkers in de buitendienst zullen weinig merken van de softwarefusie. Zij melden de taak ‘water geven’ af in het systeem en zien de effecten realtime op hun GIS-kaart. Het gebruiksgemak zal er dus niet onder te lijden hebben.

Pieter Verloop, medeoprichter en eigenaar van Werkwijzer

Pieter Verloop, medeoprichter en eigenaar van Werkwijzer

Digitaal kaartplatform van Werkwijzer
Werkwijzeris een relatief jong en ambitieus bedrijf, dat gespecialiseerd is in het digitaal beheer van werkprocessen. Het gelijknamige digitale platform is gebaseerd op GIS, een geografisch informatiesysteem. Het platform levert alle benodigde informatie voor opdrachtgever en opdrachtnemer. De Werkwijzer-applicatie is ontwikkeld voor met name uitvoerende partijen, vanuit het oogpunt van de uitvoering van werkzaamheden en het ontsluiten van de juiste veldinformatie voor opdrachtgever en management.

De toekomst

Op het moment dat deze editie van Stad + Groen op de deurmat valt, wordt er hard gewerkt aan de uitrol van de integratie. Voogt: ‘Waarschijnlijk zullen verschillende mensen met verschillende apps gaan werken. Het instellen van de grondsoorten en het monitoren van de bomen zal bijvoorbeeld in de Connected Green-app gebeuren. De taken die voortvloeien uit deze acties worden weer gemonitord in Werkwijzer. Zo zullen in de toekomst ook bepaalde werkzaamheden met elkaar worden gecombineerd, bijvoorbeeld water geven en prullenbakken legen als je toch op die locatie bent.’ Verloop is ambitieus over de verdere toekomstplannen: ‘Op dit moment maken wij dankzij de integratie gebruik van de vochtmeetsensoren, maar ik sluit niet uit dat we in de toekomst ook de data van andere sensoren (licht/temperatuur) van Connected Green zullen integreren. Zo worden we allebei completere datapartners voor onze opdrachtgevers.’

‘Het inplannen van personeel is belangrijk als straks met de droogte ook de hectiek weer losbarst’

Aftrappen in Emmen
Eén zijn met de natuur, dat is waar Snoek Puur Groen voor staat. Dit grote hoveniersbedrijf uit Grou (met een vestiging in Emmen) wil eigenaren van tuinen en buitenruimtes zoveel mogelijk laten genieten van de geuren, kleuren en geluiden die de natuur te bieden heeft. Eigenaar Douwe Snoek is steeds op zoek naar innovaties voor het groenonderhoud en heeft een voorliefde voor duurzame en liefst circulaire producten. Vanuit hun duurzaamheidsstreven werken ze bij Snoek met de sensoren van Connected Green, zodat ze alleen maar water hoeven te geven als het ook echt nodig is. Voor het monitoren en aansturen van de werkprocessen werken ze met Werkwijzer. Snoek Puur Groen had de wens om de data van Connected Green te kunnen integreren in Werkwijzer. Boomtechnisch en klimaatadaptief adviseur Simone Arends legt uit: ‘Onze opdrachtgevers kunnen dankzij Werkwijzer meekijken met de uitvoering van de werkprocessen, waardoor er meer transparantie ontstaat. Ze kunnen bijvoorbeeld in de historie teruglezen wanneer er onderhoud is gepleegd. Bij een grote klant als de gemeente Emmen, met meer dan twintig locaties, is dat ideaal, omdat anders het overzicht verloren gaat. We hebben al sensoren van Connected Green bij diverse opdrachtgevers geplaatst. Voor onze werkzaamheden voor de gemeente Emmen zullen we gebruik gaan maken van de volledige integratie van de sensoren en de app van Connected Green in Werkwijzer. De interface is gebruiksvriendelijk. De sensoren kleuren een gebied rood, oranje of groen; zo simpel is het. Dat maakt het werk voor ons overzichtelijk en eenvoudiger. Zo zie je bijvoorbeeld ook waar je niet hoeft te zijn (groen), wat voor ons belangrijk is bij het inplannen van personeel als straks met de droogte ook de hectiek weer losbarst.’

Simone Arends, boomtechnisch en klimaatadaptief adviseur bij Snoek Puur Groen

Simone Arends, boomtechnisch en klimaatadaptief adviseur bij Snoek Puur Groen

‘Door de integratie wordt de monitoring vereenvoudigd en hebben we ook alle data voor analyse bij elkaar’

Implementatie in Weert
Attender Groen is een bedrijf met een diversiteit aan talenten en maakt als regionaal betrokken groenbedrijf deel uit van de Vebego Groenbedrijven in Nederland. Er wordt met ruim 300 collega’s gewerkt vanuit drie vestigingen: in Meerssen, Hoensbroek en Nederweert. De opdrachtgevers zijn gemeenten, woningcorporaties, zorginstellingen en het bedrijfsleven. Voor de gemeente Weert implementeert Attender Groen de integratie van Connected Green in Werkwijzer.

Regiomanager Tim Schreurs van Attender Groen: ‘We vinden het belangrijk om onze complete opdracht te kunnen monitoren in één systeem. Door de integratie van meerdere verschillende partijen in Werkwijzer wordt dit mogelijk. Verschillende systemen betekent meerdere software-applicaties die gemonitord moeten worden. Door de integratie wordt deze monitoring vereenvoudigd en hebben we ook alle data voor analyse bij elkaar. We verwachten in de gemeente Weert een forse besparing op de watergift te kunnen bewerkstelligen door de toevoeging van de Connected Green-sensoren. Door tevens meer te sturen op de waardes die gegeneerd worden door de sensoren, kunnen we ons materieel effectiever inzetten. Uiteindelijk leveren een besparing op de watergift en een efficiëntere inzet van materieel ook een besparing op de CO₂-uitstoot op.’

Tim Schreurs, regiomanager bij Attender Groen

Tim Schreurs, regiomanager bij Attender Groen 

Bron: Stad+Groen

Groenbeheerplatform ConnectedGreen in paar jaar tijd uitgegroeid tot serieus bedrijf

Begin 2017 stond René Voogt met zijn groenbeheer-app ConnectedGreen voor het eerst op de Groene Sector Vakbeurs in Hardenberg. Tussen de ‘groten’ van de groensector presenteerde hij een prototype en werden de eerste pilotprojecten opgetekend. Een jaar later werd het vochtmonitoringssysteem met draadloze sensoren onthuld. Tijdens de beurs van 2020 zocht vakblad Stad + Groen de stand van ConnectedGreen opnieuw op. We spraken Voogt, nu voor de vierde keer op de ruim opgezette beurs, over de nieuwste ontwikkelingen. ‘De gesprekken zijn nu heel anders dan in voorgaande jaren.’

Auteur: Karlijn Klei

De leus die ConnectedGreen kenmerkt, is in die jaren overigens niet veranderd: ‘Het gaat niet alleen om de sensor … maar om wat je met de gegevens doet.’ ‘Je moet ConnectedGreen zien als een platform om informatie van sensoren voor (openbaar) groen te interpreteren en te delen’, zo begint Voogt ons gesprek op de beursvloer. Voor het systeem wordt gebruikgemaakt van vakkennis op het gebied van bomen, planten en grondsoorten. De slimme monitoring die met het platform mogelijk is, helpt om duurzamer te werken en te besparen, zowel op water als op projectbezoeken en uitval. Dat drukt de kosten én biedt verlichting met betrekking tot het enorme personeelstekort in de sector.

Water, licht en warmte

‘We hebben nu twee soorten sensoren’, vertelt Voogt. ‘Onze meest verkochte is een watergeefsensor die het bodemvocht meet.’ Die sensoren gaan niet voor niets als de spreekwoordelijke warme broodjes over de toonbank: ‘Pakweg 90 procent van de uitval van planten is namelijk te wijten aan ofwel te veel ofwel te weinig water.’ Omdat het hiervoor essentieel is te meten op de diepte van de wortels en omdat boomwortels dieper de grond in gaan dan bijvoorbeeld wortels van vaste planten, is deze sensor in verschillende lengten beschikbaar.

De andere sensor meet temperatuur en licht. ‘Een stel daarvan is verwerkt in de Klimaatkubus op het Osdorpplein in Amsterdam’, vertelt Voogt. De kubus is een ‘groen-blauwe plek’ waar onder meer de effecten van groen op stadse hittestress worden onderzocht. De sensoren van ConnectedGreen, zowel in de groene kubus als in een stuk ‘grijs’ een eindje verderop, brengen het temperatuurverloop op beide plekken in beeld, en dus het verschil tussen groen en grijs.

Een veelgestelde vraag, merkt Voogt naar aanleiding van dit verhaal op, is hoe dergelijke sensoren onzichtbaar ingebouwd kunnen worden in de openbare ruimte, zoals drukke winkelstraten. Kan een voorbijganger ze niet zomaar uit de grond plukken? Volgens Voogt niet: ‘Sensoren zoals deze zijn makkelijk weg te werken, bijvoorbeeld onder drainagedoppen of eindkappen. Die zitten vaak toch al rond stadse beplanting. Ingebouwd tussen de stenen zitten de sensoren daar veilig.’

Stoplichtsysteem

Maar het gaat dus niet per se om die sensoren, benadrukt Voogt, terwijl hij op het scherm achter zich de ConnectedGreen-webapp opent: dáár gaat het om. Het dashboard lijkt op het eerste gezicht simpel. Eén ding springt eruit: de vuurrode achtergrond. ‘De achtergrondkleur is als een soort stoplicht gekoppeld aan het slechtst lopende project’, legt Voogt uit. ‘Groen staat voor goed, geel voor droog of nat, rood voor te droog of te nat. Zo heb je meteen een visueel overzicht van de stand van zaken.’ Het dashboard geeft dus al een interpretatie van de metingen. Voogt: ‘De sensoren zijn natuurlijk belangrijk en moeten goed functioneren, maar dit is uiteindelijk waar het om draait.’ Op het startscherm is een takenlijst te zien van alle projecten die er bij een gemeente, groenonderhouder of particulier lopen. ‘Wanneer er bij een van die projecten iets aan de hand is, genereert het systeem een alarm of taak. Staat er een plant te snakken naar water (lees: staat er een plant te droog), dan kleurt de taak rood.’ Het stoplicht springt pas weer op groen als de sensor meet dat de plant voldoende water gehad heeft. Zo kun je dus geen plant meer vergeten.

Hoe bepaal je of iets te nat of te droog is? ‘Dat is de black magic van ConnectedGreen’, grapt Voogt. ‘De app maakt hiervoor onder meer gebruik van inzichten uit de teelt.’ ConnectedGreen heeft toegang tot de digitale gegevens in de databases van boomkwekerij Van den Berk en Griffioen Vaste Planten. ‘De specifieke behoeften van de 2400 meest gebruikte vaste planten en bomen, zoals water- en lichtbehoefte, vorstgevoeligheid enzovoort, staan dus allemaal in het systeem’, vertelt Voogt. ‘Op basis van de combinatie van de plant en de grondsoort waarin de sensor wordt geplaatst, wordt bepaald wat “goed” (groen) en wat “slecht” (rood is).’

Meer grondsoorten betekent beter meten

De keuze uit grondsoorten is een van de nieuwste functies van ConnectedGreen. Onlangs is er namelijk een rits nieuwe, in de aanleg veelgebruikte soorten aan het systeem toegevoegd. Voogt: ‘De grond is erg belangrijk voor de nauwkeurigheid van de metingen. Elke grondsoort is namelijk anders. Zo is de ene veel poreuzer dan de andere, dus wordt bijvoorbeeld water ook op een heel andere manier vastgehouden. Zand heeft heel wijde poriën en kan daardoor vochtigheid al vanaf een meting van twee procent aan een plant te geven. Daarom staat het “stoplicht” bij een watergehalte tussen de vier en acht procent op groen.’ Kijk je naar klei, dat veel kleinere poriën heeft dan zand, dan is het verhaal weer heel anders. Boven de tien procent wordt zand overigens weer té nat, en ook dat wil je vermijden. Teveel water gaat namelijk ten koste van het zuurstofgehalte in de grond. En als wortels geen adem kunnen halen, sterven ze af. ‘Vooral in de winter zien we dat planten en bomen vaak langdurig te nat staan’, voegt Voogt toe. ‘Daarom is het belangrijk het hele jaar door te meten.’

Wat het perfecte vochtgehalte voor elke grondsoort is, is bepaald aan de hand van analysen die ConnectedGreen in samenwerking met Eurofins Agro en sensorleverancier Sensoterra deed. Voogt: ‘We hebben van iedere grondsoort een monster van een aantal kilo’s genomen. Met een speciaal procedé hebben we vervolgens per grondsoort bepaald hoe de gemeten sensorwaarden zich verhouden tot het aanwezige bodemvocht in de verschillende monsters. Zo weten we van droge tot natte grond wat het waterpercentage is en wat de sensor daarbij aangeeft.’

ConnectedGreen sensoren monitoren bomen
Project ‘Spoorzone’ in de gemeente Tilburg. ConnectedGreen-sensoren monitoren de bomen en planten.

IJking essentieel

‘Alleen al het “ijken” van de tien grondsoorten die we nu hebben, heeft al zestig weken meetwerk gekost’, legt Voogt uit. Dat is het overigens wel waard, benadrukt hij. ‘Als je dat als sensorleverancier namelijk niet doet, zeggen je metingen niks.’ Dat is echt geen stoerdoenerij, belooft Voogt. ‘We zien bij veel leveranciers dat hun sensor geen ijking heeft of slechts twee of drie grondsoorten ondersteunt. Maar er is natuurlijk veel meer dan alleen zandgrond en klei.’

Tien geijkte grondsoorten is een flink aantal. Toch kan de grond waarin de sensor komt te staan net even anders zijn dan dat tiental. In dat geval kun je als gebruiker het percentage eenvoudig handmatig aanpassen. ‘Stel, de sensor staat op 8 procent bij bomengrond en geeft aan dat de grond droog is. Maar als je de grond voelt, merk je dat dat niet het geval is. Dan kun je dat in het systeem handmatig bijstellen.’ Die optie is essentieel, benadrukt Voogt. ‘Niet alle bomengrond is immers hetzelfde. En duizend verschillende grondsoorten in het systeem zetten, is natuurlijk ook geen optie. Je kunt dus op basis van waarneming zelf met de hand bijstellen.’

Gebruikers

Ook is er een nieuwe module voor gebruikersbeheer beschikbaar, waarmee klanten zelf kunnen bepalen met wie ze de sensorgegevens delen. ‘Er zijn verschillende types gebruikers’, vertelt Voogt. ‘Sommigen kunnen bij de instellingen, anderen kunnen de projecten alleen bekijken. Dat is essentieel bij samenwerkingen. Stel, een gemeente heeft een aantal sensoren geplaatst. De groenvoorziener mag meekijken, maar mag niet aan de knoppen gaan draaien. Omgekeerd geldt natuurlijk hetzelfde.’

Het systeem is naar ieders wens aan te passen. ‘Iemand die dicht bij een project zit of verantwoordelijk is voor het watergeven, moet natuurlijk alle meldingen binnenkrijgen. Aan de andere kant heeft een projectleider voldoende aan de rode (kritieke) meldingen.’ Voor kritieke situaties kan hij bijvoorbeeld instellen dat hij direct een e-mail krijgt met informatie over hoe, wat en waar. Hierbij komt ook de compatibiliteit van ConnectedGreen naar voren: open je die e-mail, dan opent automatisch de ConnectedGreen-webapp.

Koppelen

Ook de koppelmodule is nieuw, vertelt Voogt. ‘We zien dat gemeenten die al een reeks systemen hebben opgezet, veel waarde hechten aan het koppelen van die systemen. Vaak heb je in steden een smart city-achtige assetmanagement-omgeving, waarin meerdere elementen worden bijgehouden. Als je die kunt koppelen, kan de gemeente de informatie van de sensoren aan haar boombeheerpakket hangen. Dan weet men bij de gemeente vanuit het al aanwezige groenbestand bijvoorbeeld welke bomen er droog staan.’

‘Als een gemeente een aantal sensoren heeft geplaatst en een groenvoorziener heeft dat in die gemeente ook gedaan, dan kunnen beide partijen met ConnectedGreen alle gegevens inzien met dezelfde inlog.’ Dat kan echter alleen als de sensorleveranciers meewerken, vult Voogt aan. ‘Als de sensorleveranciers de gegevens niet willen koppelen, hou je voor elke sensor een aparte login, wat voor de klant natuurlijk niet prettig werkt.’

ConnectedGreen op de Groene Sector vakbeurs
ConnectedGreen op de Groene Sector Vakbeurs in Hardenberg

Sensoronafhankelijk

Dat is onhandig en onnodig, vindt Voogt. ‘Dat is een van de redenen dat we sensor-onafhankelijk willen zijn. Als er partijen zijn met andere sensoren, voegen we die graag toe aan het systeem. Dat is echt een verbreding.’ In de praktijk zijn sommige sensorleverancier nog wat terughoudend. Jammer, want hoe meer sensoren ConnectedGreen voor zijn team heeft spelen, hoe meer de focus kan liggen op wat je met de gegevens doet. ‘Je sensor is eigenlijk een hygiënefactor. Hij moet goed zijn. Hij moet bijvoorbeeld in weer en wind buiten kunnen staan, het liefst ook begraven kunnen worden en niet corroderen. De sensoruiteinden moeten na twee jaar nog net zo goed zijn; anders gaat ook de kwaliteit van de metingen achteruit.’

Ook moet het niet nodig zijn om de accu’s elk half jaar te vervangen, zeker niet op afgelegen locaties. Dat kost allemaal extra mankracht, werk en tijd, en dat wil ConnectedGreen met het platform juist voorkomen.

Het is best moeilijk om dit soort hardware goed te maken, geeft Voogt toe. En heel soms valt er weleens een sensor uit: ‘Die wordt natuurlijk direct vervangen, maar het blijft vervelend.’ Aan die kinderziektes ontkom je niet, volgens Voogt. ‘Een nieuwe techniek is nooit meteen helemaal foutloos.’ De meest verkochte sensoren van ConnectedGreen worden overigens wel elk jaar beter. ‘De klant ziet dat niet, maar jaarlijks worden er nieuwe elementen aan de sensoren toegevoegd. Zo komt er dit voorjaar een update voor zowel de antenne als de batterij en de besturing (de firmware).’ Die aanpassingen zijn gedaan op basis van de resultaten van de voorgangers, die al meer dan twee jaar in het veld staan te meten. ‘De updates zijn gebaseerd op ervaringen’, besluit Voogt. ‘Daarmee worden deze sensoren nog beter, en dus ook de metingen.’

De Gouden Gieter voor de beste oplossing tegen klimaatproblemen

Dat ConnectedGreen goed bezig is, bleek ook vorig jaar toen René Voogt op de Vakbeurs Klimaat met onze Gouden Gieter voor het Beste Product naar huis ging. Deze wedstrijd werd in 2019 in het leven geroepen om de beste praktische oplossingen te vinden tegen de gevolgen van klimaatverandering. De leden van de vakjury, onder wie Egbert Roozen, directeur van de VHG, Ben van Ooijen, directeur en eigenaar van de Tuinen van Appeltern en tv-tuinman Lodewijk Hoekstra, oprichter van NL Greenlabel, waren onder de indruk van de manier waarop de slimme, moderne technieken van ConnectedGreen toch eenvoudig toegepast kunnen worden door groenvoorzieners en opdrachtgevers.

Egbert Roozen: ‘Slimme technologie doet zijn intrede in de hoveniersbranche. Robotmaaiers worden steeds meer toegepast en inmiddels komen er steeds meer technieken met app en domotica op de markt. ConnectedGreen biedt ook zo’n mooie slimme oplossing. Sensoren in de tuin bewaken de watergift; daardoor zijn er minder projectbezoeken en minder inboet nodig. Wat mij betreft, gaan we groen en slimme techniek in de toekomst nog meer met elkaar verbinden.’

Ben van Ooijen: ‘Het is een reeds bestaand systeem dat zijn gelijk inmiddels heeft bewezen. Inzicht in de waterbehoefte en verbetering van de groeiplaats om de watergift te bevorderen, zijn zaken die direct tot besparingen leiden, op water, maar ook op tijd. Tuinbezitters, maar ook veel onderhoudsmensen en parkbeheerders hebben geen idee wat hun beplanting nu eigenlijk nodig heeft.’

Lodewijk Hoekstra: ‘Wat me heel erg aanspreekt, is de manier waarop ConnectedGreen met moderne technieken eenvoudig inzicht geeft in de gesteldheid van de bodem. Dit resulteert in een adequater beheer, waardoor onder meer water en energie worden bespaard en de professional beter kan inspelen op zaken als klimaatverandering.’

Bron: Stad+Groen

Door meer periodes van langdurige droogte in ons land, krijgen we steeds vaker te maken met hydrofobe (waterafstotende) grond. Het probleem is dat het geven van grote hoeveelheden water bij hydrofobe grond juist averechts werkt – het grootste deel spoelt uit. De oplossing: geef vaker kleinere hoeveelheden. De enige manier om hierop te kunnen sturen is door monitoring.

In de bodem zitten poriën. De grootte van die poriën kan verschillen, van grote poriën in zand tot hele kleine in klei. Dat is nuttig, want door deze eigenschap kan de bodem onze bomen en planten van vocht en zuurstof voorzien.

Als de grond echter te ver uitdroogt, zit er zoveel lucht in de poriën, dat deze zich eerst weer moeten volzuigen voordat de grond in staat is om beter vocht vast te houden – en beschikbaar te hebben voor opname door planten en bomen. Bij uitgedroogde grond gebeurt dit normaalgesproken in de winter als er minder verdamping is en meer regen.

Door ineens grote hoeveelheden water te geven, heeft uitgedroogde grond onvoldoende tijd om het water op te nemen. Dit is vergelijkbaar met een droge spons of zeem die je onder water probeert te duwen; deze komt gewoon weer bovendrijven, om zich vervolgens geleidelijk vol te zuigen met water. Het werkt dus betere om een droge spons wat langer in een emmer water te leggen, dan het water er ineens overheen te gooien.

Bodemvocht weergegeven in grafiek
Het effect van een grote watergift is zeer beperkt voor de langere termijn

Monitoring helpt om een beeld te krijgen van de uitspoeling. Hoe ‘steiler’ de piek op de vochtgrafiek, hoe meer uitspoeling plaatsvindt. Door hier goed naar te kijken is het mogelijk de optimale hoeveelheid water te vinden om het gemiddelde vochtpercentage op peil te houden. Uit de praktijk blijkt dat dit tot wel 70% van de hoeveelheid water kan schelen. In een middelgrote gemeente kan dat al snel enkele honderdduizenden liters per seizoen schelen.

bodemvocht weergegeven in grafiek
Kleinere, meer frequente watergiften hebben een veel langduriger effect

Houten, 22 november 2019 – Vandaag werd het dan eindelijk bekend gemaakt: wie mag met de felbegeerde Gouden Gieter naar huis? De Vakbeurs Klimaat was de setting voor de feestelijke uitreiking. Niemand minder dan ConnectedGreen en Dionysios Sofronas van Aardoom Hoveniers gingen er met de eer vandoor.

Auteur: Linde Kruese

De Gouden Gieter voor het beste product werd in ontvangst genomen door René Voogt van ConnectedGreen. ConnectedGreen helpt groenvoorzieners en opdrachtgevers om te besparen op watergift, projectbezoeken en inboet. Het systeem werkt met draadloze sensoren die op strategische plekken onzichtbaar in groenprojecten worden weggewerkt. Deze sensoren zijn verkrijgbaar in verschillende lengtes zodat het bodemvocht altijd wordt gemeten op worteldiepte.

Meekijken met gegevens

Binnen ConnectedGreen worden projecten aangemaakt (bijvoorbeeld per groenproject, straat/plein of wijk), die worden verdeeld in verschillende indicatiebomen, -bakken of -vakken met een sensor. De sensoren worden ingesteld op basis van de combinatie van grondsoort en boom/plantsoort. Zowel medewerkers van de opdrachtgever als medewerkers van de groenvoorziener meekijken kunnen met de gegevens meekijken of alerts ontvangen. Dit geldt zowel voor te droge als te natte situaties. ConnectedGreen biedt naast de optimalisatie van watergift ook in inzichten die helpen bij het verbeteren van groeiplaatsen.

De drie finalisten in de categorie Beste Product: Sharell Hoogervorst van Greenmax, René Voogt van Connected Green en Henk Vlijm van Optigrün

De Gouden Gieter

Vakbladen De Hovenier en Stad+Groen gingen dit jaar voor het eerst op zoek naar vakmensen die creatieve, praktische oplossingen hebben bedacht voor alledaagse problemen die veroorzaakt worden door klimaatverandering. Alle inzendingen (link naar jurydocument) werden beoordeeld door een gerenommeerde vakjury, bestaande uit Hein van Iersel (hoofdredacteur De Hovenier en Stad+Groen), Lodewijk Hoekstra (tv-tuinman en oprichter NL Greenlabel), Egbert Roozen (directeur VHG), Dick Oosthoek (directeur Stichting Groenkeur), Ben van Ooijen (directeur/eigenaar De Tuinen van Appeltern) en Mathieu Gremmen (heemraad en loco-dijkgraaf van Waterschap Rivierenland). De winnaars werden na de bekendmaking door Lodewijk Hoekstra middels een vlog gefeliciteerd.

Bron: Stad+Groen

Meer weten

Wilt u meer informatie over ConnectedGreen?

Maak gebruik van het formulier hiernaast en ontvang onze whitepaper. In de whitepaper vind je informatie over wat wij doen en hoe wij verschillende oplossingen aanbieden voor verschillende situaties.

Download onze whitepaper

Op zoek naar meer informatie over ons platform en draadloze sensoren?

Ontvang nu onze whitepaper en leer alles over de voordelen van datagedreven werken en het belang van goed ‘sensor management’.